Auteurs worden onbeschoft behandeld
Jürgen Joosten, 28 juli 2010
Af en toe verschijnen er boeken
die je meteen opvallen. Voor Jürgen Joosten was dat het geval met Het
Overstone incident van Johan Hahn. In dit geval was het zeker niet
het uiterlijk van het boek dat de aandacht trok, maar - zoals het ook zou
moeten - de inhoud. Net als bij Het Thule Incident, het vorig jaar
verschenen debuut van Frank van Zwol, betreft het hier een verhaal over
een crash van een B-52 met een nucleaire lading aan boord.
Jürgen Joosten
zocht de auteur van Het Overstone Incident op en sprak met hem over zijn boek:
Wie is Johan Hahn?
Johan G. Hahn (Apeldoorn 1951) studeerde in Groningen (godsdienstweten-schappen) en Utrecht (filmsociologie) en promoveerde in Amsterdam (communicatie). Hij is daarnaast opgeleid als cameraman en fotograaf. Hij is zijn hele leven werkzaam geweest op het terrein van de communicatie en public relations. Hij werkte als universitair docent, als manager communicatie en als directeur van enkele charitatieve organisaties. Daarnaast was hij een aantal jaren als directeur van een communicatieadviesbureau actief op het terrein van de crisiscommunicatie. Hij heeft veel publicaties op zijn naam staan, waaronder wetenschappelijke en journalistieke boeken en artikelen. Als fotograaf maakte hij onder ander een fotoboek over Tibet (Meeting People on the Roof of the World, ook in het Nederlands verschenen) waarvoor de Dalai Lama het voorwoord schreef en een fotoboek over de 'kleine economie in China’, waarvoor de oud consul generaal van Shanghai en Hongkong en Macao het voorwoord schreef.
Het Overstone Incident is uw debuut.
Het is tegelijk wel en niet mijn debuut: niet, omdat ik in mijn loopbaan al heel veel gepubliceerd heb, wel, omdat het mijn eerste roman is. Ik heb mij voor mijn eerste roman laten inspireren door de B-52 Thule crash en de B-52-Palomares crash. Over beide crashes bestaan nog steeds grote onduidelijkheden. De twijfelachtige wijze waarop de verantwoordelijke autoriteiten met deze nucleaire rampen (volgens Times was de Palomares crash een van de grootste nucleaire rampen ooit) omgegaan zijn, vormen de basis voor mijn roman. Het is uiteindelijk niet duidelijk of alle schade t.g.v. beide rampen afdoende is opgeruimd. Ik vrees dat een deel van de nucleaire lading die de B-52's aan boord hadden nog in zee ligt, omhuld door wegroestend metaal ... Beide rampen zijn (in feite nog steeds) 'militair geheim' van de hoogste categorie.
Kunt u wat meer op uw fictieve verhaal ingaan?
Ik heb van de beide rampen en de schaarse documentatie erover heel vrij gebruik gemaakt. Ze op een andere locatie gesitueerd en elementen uit beide rampen samengevoegd tot een compact verhaal. Het gaat mij ook niet direct om de beide rampen. Het gaat mij om een vreemde paradox: een democratie, die berust op waarden als openheid en transparantie heeft een instelling nodig die werkt met waarden als leugen, misleiding, etc: een inlichtingsdienst, in Nederland de AIVD. Rond die paradox, waar iedereen prima mee kan leven heb ik het verhaal gebouwd. Door te kiezen voor de vorm van een roman krijg ik de vrijheid om de werkelijkheid zo te componeren als ik die hebben wil. Dat is heel iets anders dan een verhandeling over feiten. Maar de vorm ontslaat mij niet van de plicht dicht bij de werkelijkheid te blijven. Dat betekent dat mijn romanfiguren, hoewel fictief, heel erg inleefbaar zijn. Dat maakt het verhaal dramatisch. Hoewel het fictief is zou het heel goed zo gebeurd kunnen zijn.
Het boek draait om de dood van Dorothy Durby en de zoektocht van haar man en dochter naar de waarheid. Wie speelt er eigenlijk de hoofdrol?
Dat is een hele goede, maar ook lastige vraag omdat het verhaal feitelijk meer dan een hoofdpersoon heeft. Daar zijn op de eerste plaats Alexander Durby, de man van Dorothy en de vader van Dorothy junior. Zij spelen in de dramatiek van het verhaal een centrale rol. Maar Dorothy junior krijgt bij haar zoektocht naar de waarheid hulp van een Nederlandse onderzoeksjournalist, Joram Petzer. En zonder Elsa zou Joram Petzer er nooit in geslaagd zijn zijn missie te volbrengen. Maar Elsa is een uiterst geavanceerd computersysteem, zoals het ook door geheime diensten gebruikt wordt voor het afluisteren van e-mail en telefoonverkeer.
Lijkt u op Joram Petzer?
In mijn visie is elk verhaal dat een schrijver vertelt in elk geval in de kern autobiografisch. Een schrijver gebruikt zijn (levens)ervaring en componeert daarmee zijn verhaal. Maar echt autobiografisch maakt dat een verhaal nog niet. Natuurlijk zitten er in het boek elementen uit mijn eigen ervaring. Mijn reiservaring, mijn werkervaring, mijn onderzoekservaring. Maar ik val niet samen met Joram Petzer. Ik lijk in elk geval op deze hoofdfiguur in zijn belangstelling voor waarheid en werkelijkheid. En ik heb ook door Tibet en China gereisd. Dus ja, en nee!
U spreekt over uw eerste roman, maar onder welke genre valt het boek eigenlijk. Is het een spionage roman?
Ik beschouw het boek als een thriller, maar dan niet alleen in de zin van een spannend verhaal met een plot, maar vooral als een spannend verhaal met een 'boodschap'. Als je beseft op welke manier er in de loop van de recente geschiedenis is en nog wordt omgegaan met het wel en wee van burgers, als je beseft op welke manier democratische waarden door geheime diensten geschonden kunnen worden, dan lopen de rillingen over je rug. Ik besef heel goed dat ons westerse systeem niet anders kan, deze instanties nodig heeft, maar de paradox wordt te veel stilzwijgend geaccepteerd, dat is 'thrilling' in de zin van 'beangstigend’. Ja, ik zou het een spionage triller kunnen noemen, maar we kunnen het boek ook van een andere kant bekijken en de aandacht richten op Elsa, de geavanceerde computersysteem, dan is het een computerthriller. Ik laat de genre indeling graag aan de markt over. Waar het mij om gaat is dat de spanning in het boek er mede voor zorgt dat de lezer meegezogen wordt en er daardoor een gedachte kan worden overgedragen. En dan hebben we het over zaken als spionage, de impact van geheime diensten op het dagelijks leven, het afluisteren van burgers, maar ook over de vraag hoe het menselijk geheugen wordt: waar 'zitten' onze herinneringen en hoe komen we ermee in contact.
Vorig jaar verscheen Het Thule Incident van Frank van Zwol. Kent u dit boek?
Ik het boek van pas recent ontdekt en nog niet gelezen; wel de trailer voor de film op YouTube gezien. Ik ben nooit in Groenland of in de regio rond Palomares (wel elders in Zuid-Spanje) geweest. Het boek van staat wel op mijn lijst van komende vakantieboeken. Ik vind het overigens heel boeiend dat een oud thema vrijwel gelijktijdig vanuit twee verschillende perspectieven wordt opgepikt en aan de vergetelheid onttrokken wordt. Op heel verschillende manieren. Nogmaals: ik gebruik de beide B-52 crashes alleen maar als een soort motief.
Hebt u veel research naar het de B-52 crashes gedaan?
Ik heb ruim 10 jaar aan het boek gewerkt naast mijn werk als manager communicatie en fondsenwerving en directeur. Ik heb een deel van die tijd besteed aan de beide crashes, maar ik heb mij meer nog bezig gehouden met de achtergronden van het werk van geheime diensten. Probleem daarbij was dat het beschikbare materiaal afkomstig is van de geheime diensten of van bijvoorbeeld vroegere medewerkers ervan. Dat betekent dat het heel erg lastig is vast te stellen hoe betrouwbaar de documenten zijn. Je mag als journalist nooit ervan uitgaan dat een document 'waar' is omdat het uit een 'betrouwbare' bron komt. In feite bestaan er geen betrouwbare bronnen als het om inlichtingendiensten gaat. Ik heb dus voornamelijk gebruik gemaakt van openbare documenten uit archieven en van materiaal van andere journalisten.
Hebt u veel baat gehad bij uw werk/verleden als journalist? Gingen er deuren open die voor anderen gesloten bleven?
Voor dit boek niet! Ik heb ook niet echt geprobeerd deuren te openen, omdat ik ervan uit mocht gaan dat ik achter die deuren juist niet de gezochte waarheid zou vinden. Daar kwam bij dat ik een maatschappelijke positie bekleedde en die niet in gevaar mocht brengen door onwenselijke contacten met bij voorbeeld de AIVD. Dat neemt niet weg dat ik voor een ander boek waar ik aan werk - over criminaliteit rond niertransplantaties - alle medewerking van bij voorbeeld artsen en andere betrokkenen krijgt. Mensen praten graag en met trots over hun werk!
Is het moeilijk om in Nederland een uitgever te vinden als debuterende auteur?
Ja, dat is vrijwel onmogelijk, ook al ben ik niet echt een debuterend auteur; hooguit een debuterend roman auteur! Uitgevers schermen zichzelf enorm af onder het mom van de grote hoeveelheid manuscripten die wekelijks bij het binnenkomen. De vraag is of dat hun werkelijke probleem is. Het probleem zit hem in de omvang van de uitgevers en de noodzaak grote omzet en winst te maken. Dat betekent dat er op elke Nederlandse auteur grote hoeveelheden vertaald werk (waarschijnlijk veel goedkoper) uitgegeven worden. Dat is jammer want daardoor dreigt er veel talent verloren te gaan. Los van het oordeel over mijn boek, ik weet dat er een markt voor is ook al zal die niet zo groot zijn. Maar uitgevers hebben daar geen oog voor. Daar komt bij dat sommige uitgevers - de goede niet te na gesproken - auteurs ronduit onbeschoft behandelen. Niet reageren op een email (de redacteur heeft na maanden zijn e-mail nog niet gelezen; wat doet die man eigenlijk?) terwijl ze op hun website wel vragen om die email, of uitgevers die manuscripten niet retourneren terwijl er een voldoende gefrankeerde envelop bijgesloten is. Kortom de uitgeversbranche is behoorlijk arrogant bezig. Als debutant kun je vaak beter het heft in eigen hand nemen en je boek zelf uitgeven. Dat gaat uitstekend! Iedereen kan uitgeven en het ligt aan je eigen professionaliteit hoe ver je gaat. Daar komt bij dat de uitgevers het belang van de auteur wel steeds benadrukken, behalve als het om royalty's gaat. De verhouding tussen het percentage dat de auteur krijgt (misschien 10% - hooguit 15%) en het percentage dat in de boekenbranche aan de strijkstok blijft hangen (tot wel 50%!) is volstrekt absurd. Zonder auteur is de uitgever nergens, maar zonder uitgever kan de auteur prima uit de voeten! Ik denk dat menig uitgever enorme kansen laat liggen om de verdere ontwikkeling van de Nederlandse literatuur/lectuur te bevorderen. Ik vind gelukkig vaak meer kwaliteit buiten het reguliere circuit dan erbinnen!
U bent uw boek nu zelf gaan uitgeven, loopt het?
Ja! Het gaat langzaam, maar ik krijg hele positieve reacties van lezers! Dat vind ik belangrijk! Ik schrijf, zoals elke schrijver, om gelezen te worden. Elke lezer is er een. Ik vind het niet zo belangrijk of ik een goede recensie in de NRC of de Volkskrant krijg. Dat komt wel. Het boek staat (nog) niet in de top 60 van de CPNB, en het is de vraag of het daar ooit zal komen. Ik onderschat op dat punt de macht van de uitgeversbranche niet! Ik voel me niet als een David die tegen een Goliath strijdt. Ik denk dat de uitgevers en ik op verschillende velden spelen. De club die in het Ajax, het Feijenoord of het AZ stadion speelt doet het niet per se beter dan de club die op het sportveld in de eigen wijk voetbalt. Ze doen het anders, met meer 'geweld', meer branie. Uiteindelijk zijn de elf van van Marwijk ook gewoon begonnen met trappen tegen een bal. Zo is het ook met een zelf uitgevende schrijver. Heeft een schrijver een beetje kijk op en kennis van marketing, dan kan hij of zij een heel eind komen. Daar heb je dan geen grote uitgever voor nodig. Wat natuurlijk wel interessant is, is dat het zelf uitgeven een beetje een trend aan het worden is. Ik noem hier alleen maar de naam van Leon de Winter
Hoe probeert u uw boek meer onder de aandacht te brengen?
Met alle marketing middelen die mij met een beperkt budget ter beschikking staan! Dat is soms best lastig, maar de aanhouder wint. Het is natuurlijk mooi als er een grote poster op de NS-stations hangt, maar als die poster door de auteur zelf betaald is - denk aan de lage royalty's van de auteur; uiteindelijk betaalt hij de dure reclamecampagnes - dan geef ik de voorkeur aan guerrillamarketing, aan moderne middelen als Twitter en LinkedIn, aan mijn eigen netwerk, aan mond op mond reclame en ga zo maar door. En natuurlijk door het genereren van publiciteit, het toesturen van recensie-exemplaren aan redacties en maar afwachten of een krant er iets mee doet. Het eenvoudige handwerk.
Bent u ook beschikbaar voor leesavonden, signeersessies en dergelijke?
Uiteraard! Ik hecht grote waarde aan het contact met de lezers. Als een boekhandel mij een tafel beschikbaar wil stellen met een stapel van mijn boek, dan ben ik graag bereid daar een middag te komen signeren. Of als een leesclub of en theater een avond met mij wil organiseren om te praten over het boek, dan ben ik ook daarvoor beschikbaar. Dat hoeft niet veel te kosten! Reiskosten en een nader af te spreken 'onkostenvergoeding' voor een avond. En bij een signeermiddag in een boekhandel komt mijn aandeel via de verkoop van de boeken bij mij binnen. (...).
***
